• DissociŽren is zoals uit bovenstaand blijkt, iets wat iedereen kan of kan overkomen: het is als het ware een afstand creŽeren van zichzelf, (een werkelijkheid buiten zichzelf, een werkelijkheid op afstand). Daarnaast heeft men soms bepaalde gebeurtenissen uit de persoonlijke geschiedenis verdrongen.
  • Iemand met een DIS/MPS echter, creŽert of ondervindt afstand in zichzelf zichzelf, dissocieert binnen de zelven, vanwege de fragmentering van de persoonlijkheid of identiteit. En heeft amnesie voor alle of sommige afgesplitste persoonsdelen (ook wel alters genoemd).

Een Dissociatieve Identiteits Stoornis (MPS) is een stoornis die oorspronkelijk ontstaan is vanuit een evolutionaire overlevingsstrategie. Het ontwikkelt zich in de vroegste kinderjaren naar aanleiding van ernstige trauma's.
De D.I.S. vindt men aan het einde van het dissociatieve spectrum en kenmerkt zich door vele vormen van dissociatieve verschijnselen, waarbij er tenminste sprake moet zijn van twee verschillende identiteiten of persoonlijkheden. Deze worden ook wel alters genoemd.

In het geval van een DIS en omdat babies en peuters nog geen volledig 'ik' of 'zelf' of 'bewustzijn' hebben ontwikkeld, is het hypothetisch mogelijk dat zij symbolen van traumatische ervaringen opzij zetten. Omdat zij nog niet in staat zijn om traumatische gebeurtenissen te verdringen, zoals oudere (3 jaar of ouder) kinderen en volwassenen zullen doen.

De basis van elke identiteit of persoonlijkheid is het geheugen. Bij een D.I.S. ziet men in meer of mindere mate, een verlies van geheugen en veranderingen in de identiteit. De normaal geÔntegreerde functies van identiteit, geheugen en/of bewustzijn zijn verbroken. Dit wil zeggen dat zij zich belangrijke persoonlijke gebeurtenissen uit hun levensgeschiedenis veelal niet kunnen herinneren.
Persoonlijke (traumatische) ervaringen, met een daaraan gekoppeld gedrag, worden opgeslagen en uitgedragen door verschillende persoonsdelen. Dit alles zonder dat de op dat moment aanwezige hoofdpersoon zich van deze andere ervaringen of gedragingen bewust hoeft te zijn.
Omdat iemand met een D.I.S. dus uit verschillende persoonsdelen of identiteiten bestaat, is er sprake van een gefragmenteerde persoonlijkheid.

 

   

Hoewel het woord 'deelpersoonlijkheid' waarschijnlijk meer op zijn plaats is, gebruik ik vanaf nu het woord 'alter', om de eenvoudige reden dat het korter is.
Bij een trauma verbergt de hoofdpersoon zich als het ware in de geest om te ontsnappen aan de levensbedreigende situatie van zo'n moment. Tijdens een levensbedreigende situatie, treden er allerlei neurologische processen in werking, zoals dat ook bij dieren voorkomt, 'fight, flight or freeze'. (zie hiervoor: neurologische gevolgen van psychotrauma).
Onbewust worden bij iemand met een DIS dan alters gecrŽeerd, die beter zijn opgewassen tegen het trauma of er effectiever op kunnen reageren. Deze alter ondergaat dan ook feitelijk het trauma, terwijl de hoofdpersoon er zich (later) niets meer van kan herinneren.
Maar ook kan het gebeuren dat deze 'nieuwe' alter het leven voor korte of langere tijd overneemt van de oorspronkelijke (hoofd)-persoon. Met soms (maar niet altijd) specifiek andere karakter eigenschappen, zoals extroverter of introverter, angstiger of juist voor niemand bang, enzovoort. In de periode dat deze 'nieuwe' alter er is, doet deze weer eigen ervaringen op en ontwikkelt (soms) nieuwe talenten of gedragingen, die veelal te maken hebben met de afweer tegen het door hem of haar ondergaan trauma.

Vaak (maar niet altijd) hebben alters een eigen naam en soms een heel andere gender identiteit of voorkeur die anders is dan van de oorspronkelijke persoon. Ook komt het voor dat alters dieren zijn; een 'dier' kan tenslotte sterker of veiliger zijn dan een mens, juist als het om een 'onmenselijke' traumatische ervaring gaat. Daarnaast kunnen de verschillende alters een heel andere fysieke gesteldheid hebben.
Bij mensen met een D.I.S. kan het dan ook gebeuren dat bijv. ťťn ziek is met koorts en de andere alter niet, oogmetingen de ene dag een andere uitslag geven dan een andere dag, bloedruk metingen die binnen een paar minuten uitzonderlijk verschillende uitslagen te zien kunnen geven. Wat overigens menig arts nogal eens hoofdbrekens bezorgt.
Dit laatste noemt met ook wel: somatoforme dissociatie. (Lichamelijke dissociatie, maar net als psychische dissociatie gaat het om een mentale verstoring).

Door het beeld wat van MPS/D.I.S. geschetst wordt in populistische films en media verwachten leken nogal eens dat zij duidelijk de verschillende alters zouden moeten kunnen onderscheiden. Dit is echter zelden het geval. Iemand met een D.I.S. heeft door alles niet alleen geleerd om zijn/haar eigen bestaan te verbergen (dood houden, verborgen houden), dus ook de verschillen tussen de alters. Dit hoort ook bij het overlevingsmechanisme. Het is niet zo moeilijk om een voorstelling te maken over wat er met het slachtoffer zou gebeuren als 'daders' door zouden krijgen dat de persoon op wie zij hun agressie of sadisme richten er op dat moment helemaal niet meer is.
Om het totaal aan alters te benoemen wordt nogal eens de term het 'systeem' gebruikt.

 

Alter Structuur.

 

"Er zijn alters die het dagelijks functioneren op zich nemen, zoals bijv.: werk, huishouding e.d. en die zich veelal niet bewust zijn van onderliggende trauma's van andere alters. Deze (goed) functionerende alters worden soms 'host' genoemd, maar een betere beschrijving is O.N.P.'s (Ogenschijnlijk Normale Persoonlijkheden)". (v.d.Hart; Nijenhuis, Steele).
Zij worden min of meer weggehouden van traumatische inhouden binnen het systeem en hebben daardoor ook een gehele of gedeeltelijke amnesie (geheugenverlies) voor trauma's. Meestal zijn dit alters die bang zijn voor controleverlies, zijn ze erg rationeel en/of emotioneel vervlakt. Er wordt ook aangenomen dat O.N.P.'s fobisch zijn voor de traumatische herinnering(en) ťn dus ook voor de betreffende alter die dat heeft meegemaakt. Niet zelden functioneert zo'n O.N.P. dus min of meer 'los' van de anderen binnen het systeem.

Daarnaast zijn er (vaak meerdere) alters die de trauma's hebben doorgemaakt en deze alters zitten veelal meer verborgen in het systeem. Ze worden ook wel E.P.'s (Emotionele Persoonlijkheden) genoemd en deze lijken vast te (blijven) zitten in het trauma (alsof de tijd heeft stilgestaan), compleet met de gevoelens en afweer mechanismen van dat traumatisch moment toen.
Bij deze alters ziet men vaak reacties zoals: bevriezing, vluchten, vechten etc. en hiertussen bevinden zich vaak ook de meer bekende getraumatiseerde kinddelen.

Hoe extremer en langduriger de traumatische geschiedenis, hoe extremer of complexer meestal de dissociatieve stoornis.
"Er kan een afwisseling zijn tussen de O.N.P. en E.P. (primaire structurele dissociatie). Of men ziet dat een of meer E.P.'s weer gesplitst zijn maar de O.N.P. niet, (secundaire structurele dissociatie). Of dat deze laatste ook weer opgesplitst is in verschillende delen en soms zitten enkele van de E.P.'s extreem verborgen en verschuilen zij zich achter een andere E.P. en/of O.N.P. (tertiaire structurele dissociatie)". (v.d.Hart; Nijenhuis, Steele).
Een D.I.S. vertoont ook vaak kenmerken van andere dissociatieve symptomen binnen het spectrum (zie; dissociatief spectrum)

 

Stemmen horen

Vaak valt bij D.I.S. de beruchte term, "stemmen horen".
Schizofrenen en mensen in een psychotische staat zeggen vaak dat zij stemmen horen die van buiten komen en waar zij soms 'opdrachten' van krijgen.
Dit is zelden of nooit het geval bij mensen die gediagnosticeerd zijn met D.I.S. Deze patienten zijn zich heel bewust dat de stemmen die zij horen van binnenuit (van uit het systeem) komen.
Hiermee wordt dan bedoeld stemmen als 'vreemden' in het hoofd. ('Vreemden', zijn dan de alters/delen). En het gaat hierbij om stemmen die overduidelijk niet uit de eigen gedachten (gang) voort komen, van de (hoofd) persoon die er op dat moment is.

 

Switchen of alterwisselingen.

 

(Het wisselen van alters wordt switchen genoemd)
Het kan het gebeuren dat iemand met een D.I.S. en meestal tot zijn/haar grote schrik of afgrijzen, in de realiteit een interne alter het woord hoort voeren of (over) nemen. De schrik heeft waarschijnlijk te maken met het dreigende controleverlies van de persoon die op dat moment de controle heeft (O.N.P. - Ogenschijnlijk Normale Persoonlijkheid), die daar zelfs zo bang of fobisch voor kan zijn, dat hij of zij deze alterstem zelf niet eens hoort, maar mensen in zijn/haar omgeving wel.
Op die momenten zal men dan ook vaak te horen krijgen: "dat heb ik helemaal niet gezegd" en zullen argwaan en onzekerheid van de O.N.P. ten opzichte van de buitenwereld meestal toenemen. Hetzelfde gebeurd als een interne alter een of andere aktie uitvoert in de realiteit waar de O.N.P. geen weet van heeft.
Intern kan het voor de O.N.P. ook een teken zijn dat een ander het dreigt over te nemen (het dagelijks functioneren) en/of dat hij/zij dus blijkbaar niet goed functioneert. Waar de O.N.P. dan soms weer op gaat reageren met intensere concentratie of intellectualisering van problematiek en verwoedde pogingen de controle te behouden.
Het is dus voor te stellen dat een O.N.P. erg vermoeid en emotioneel belast kan raken, als dat zo ettelijke keren heen en weer gaat. Men ziet dan ook vaak extreme vermoeidheidsverschijnselen bij iemand die veel dissocieert.

Een leek zou kunnen denken: 'doe niet zo moeilijk, laat die andere alter er gewoon zijn'. Maar zo werkt het helaas vaak niet. Allereerst doordat het een levenslange gewoonte geworden is. En ten tweede: andere alters hebben veelal een heel andere preoccupatie, levensstijl e.d. en dan komt men in conflict met het functioneren binnen de maatschappij. Bijv.: men kan dan van de ene op de andere dag het werk niet meer doen wat men al jaren heeft gedaan of weet niet meer hoe het moet, kent mensen en bepaalde handigheidjes (nog) niet etc.
Om maar niet te spreken over het naar voren komen van E.P.'s, die erg gepreoccupeerd zijn met hun trauma. Vaak komen deze alleen naar voren in een veilige therapiesetting bij een empathische therapeut(e). Zijn er alters (meestal andere O.N.P.'s) die heel goed weten wat de realiteit van het 'nu' is, dan komen die meestal vanzelf en kunnen de twee verschillende O.N.P.'s elkaar zonder veel problemen afwisselen, ook zonder dat ze dat van elkaar merken, of dat het opvalt in de buitenwereld.

 

Triggers.

Het komt regelmatig voor bij D.I.S. dat men last heeft of krijgt van zogeheten 'triggers'.
Een 'trigger' kan een geur, geluid of beeld zijn, wat een deel of het gehele vroegere trauma in herinnering brengt. Zoals bovenstaand al vermeld, reageert een host of O.N.P. hier fobisch op met ontwijking. Maar de drang van de E.P. (emotionele persoonlijkheid) die de traumatische herinnering bewaart kan zo sterk zijn, dat men last krijgt van flashbacks, nachtmerries, paniek aanvallen, eetproblemen, relatieproblemen (waar die ervoor wellicht niet waren), depressies enzovoort.
Kortom het hele scala aan symptomen zoals die voor kunnen komen bij complexe dissociatie.

Ook kunnen gevoelens voorkomen alsof men ineens niet in zijn of haar eigen lichaam past. Dat het voelt of het te groot is, of bijv. zelfs bepaalde ledematen zoals armen en benen als heel klein ervaren worden, toebehorend aan een kleuter of 3-jarige, terwijl de rest van het lichaam wel op normale lengte lijkt.
Het kan soms ook gebeuren dat men gemakkelijk verdwaalt en zichzelf terug vindt op vreemde en onbekende plaatsen.
Anders dan met gewone herinneringen zijn dit soort traumatische herinneringen feitelijk altijd opgeborgen geweest, als in een apart hokje, waar niets meer bij kwam of uit kon en kunnen zo detaillistisch zijn, dat het lijkt alsof het net gebeurd is of dat men er nog middenin zit.

 

Therapie.

Met name als de patient eenmaal volwassen is en zich veilig voelt kunnen gehele of gedeeltelijke herinneringen (E.P.'s) aan vroegere trauma's bovenkomen in het bewustzijn, (van de O.N.P.('s).
Onder begeleiding van een ter zake kundige psychiater of psychotherapeut die op de hoogte is van traumabehandeling, kunnen deze trauma's dan uiteindelijk verwerkt worden. Helaas is dit vaak een langdurige, moeilijke en zeer pijnlijke weg, met valkuilen en vallen en opstaan, zowel voor de patient als de behandelende therapeut(e).
Het hangt dan ook af van de wil en kracht en omstandigheden waarin de patient op dat moment leeft, of men wel of niet aan trauma verwerking kan gaan doen in een therapie. Soms is het raadzaam, of wordt er voor gekozen de patient alleen te stabiliseren. Dat wil zeggen, dat deze dan in de eerste plaats leert omgaan met dagelijkse problemen en de eigen dissociatieve symptomen.

De uiteindelijke uitkomst van de therapie zal in de eerste plaats afhangen van de ernst van de traumatische geschiedenis, de mate van dissociatie, de levensomstandigheden van de patient en de kwaliteiten van de therapeut(e). In elk geval is het mogelijk om binnen een therapeutische setting en bij een ter zake kundige en empathische therapeut(e), te genezen van een D.I.S. of daar uiteindelijk goed mee om zal kunnen gaan.

Het spreekt vanzelf dat bagatalisering van de (D.I.S.) problematiek van de patient, desinteresse van de therapeut(e), verkeerde diagnose stelling, het kiezen van een vage niet algemeen erkende alternatieve therapie etc., desastreus kan uitpakken voor de patient.

D.I.S. is van oorsprong een overlevingsstrategie en het dissocieren gebeurd onbewust.
Het komt nogal eens voor dat mensen die beweren een D.I.S. te hebben, gemakkelijk, veelvuldig en in het openbaar switchen tussen alllerlei alters. Echter, het (uit) spelen van alters is iets wat meer riekt naar nabootsing dan werkelijke overlevingsstrategie en ernstige twijfel over de echtheid van D.I.S. is in zulke gevallen op zijn plaats. Vaak worden in dergelijke gevallen ook nogal eens schrikbarend hoge aantallen alters opgevoerd. Helaas is de D.I.S. is een stoornis die veelvuldig wordt nagebootst.
 

 

Diagnose

 

Er vinden veel misdiagnoses plaats en kreeg iemand met een DIS vroeger vaak de diagnose schizofreen, tegenwoordig is het vaak 'borderline'. Het zou een zeer goede zaak zijn, dat als er een vermoeden bestaat van een DIS/MPS, deze diagnose gesteld wordt door op dit gebied ter zake kundige psychiaters of therapeuten.

  1. Bijv. omdat de desbetreffende therapeut niet gelooft in het bestaan van de DIS/MPS;
  2. denkt ofvindt dat DIS en het Borderline Syndroom in elkaars verlengde liggen (Echter, wat zij niet weg kunnen wuiven zijn de wetenschappelijke studies die duidelijke fysiologische verschillen aantonen bij een DIS en verschillende uitkomsten tussen een DIS en een BPS als er psychologische tests worden afgenomen. )
  3. of de therapeut vindt de problematiek te ingewikkeld en maakt er gemakshalve borderline van.

Depersonalisatie-Derealisatie kan een dissociatief symptoom zijn, bij vele persoonlijkheids stoornissen. Sommige onderzoekers en therapeuten menen dat de DIS en de BPS in elkaars verlengde liggen. Dit is echter in strijd met wat veel DIS patienten zelf ervaren die duidelijke verschillen ervaren met iemand die BPS heeft en dit verschil wordt ook gezien binnen Dis lotgenotengroepen. Daarnaast is het bekend dat de DIS vaak wordt nagebootst, soms onbewust.
Dit kan gebeuren als patienten denken dat het hebben van egostaten hetzelfde is als het hebben van alters. Echter alleen tussen alters (van het engelse woord: alter ~ veranderen, wijzigen, of vanuit het nederlandse woord: alterneren ~ afwisselen) bestaat amnesie en het hebben van egostaten is normaal.
Het gebeurd bijvoorbeeld ook nogal eens dat DIS patienten een diagnose BPS krijgen, o.a. vanwege automutilatie. Dat laatste komt echter ook bij veel persoonlijkheids stoornissen voor. Bovendien is er bij mensen met een BPS sprake van een min of meer samenhangende egostructuur, die bij een DIS gefragmenteerd is. En zo zijn er meer verschillende kenmerken.

Bijvoorbeeld: ego staten zijn geen alters en alters zijn geen stmmingswisselingen en dissociatie is een ander proces dan verdringing. In werkelijke gevallen van DIS/MPS bestaat er meetsal angst (of fobie) en verlegenheid of verwarring over het hebben van andere persoonlijkheidsdelen. Dit in tegenstelling tot mensen die in allerlei media en TV programma's opdraven, aandacht vragend voor hun diagnose, waarbij men zich ernstig af kan vragen of hierbij geen andere motieven spelen, zoals aandacht eisen of om door anderen gezien te worden als 'speciaal en anders'. Raymond Lloyd Richmond, Ph.D.
 

 

   

D.I.S. heeft dus vele facetten en kenmerken die onderling en per patiŽnt sterk uiteen kunnen lopen of onderling verschillen. Men zou kunnen zeggen dat D.I.S. een persoonlijkheidsstoornis is die bovenal veroorzaakt wordt door buitengewoon menselijk (mis)handelen.
Vanwege het opleggen van zwijgplicht, ontkenningen (en daarmee 'ontkenning' van identiteit en bestaan), levens bedreigingen, toepassen van extreem en/of sadistisch geweld, vernederingen, continue verklaringen gek te zijn of een fantast, enzovoort.
Immers als er over traumatische gebeurtenissen gesproken had mogen worden en er begrip, empathie en opvang zou zijn voor de kinderen die dit ondergaan, zou fragmentatie en identiteitssplitsing (D.I.S.) nooit zijn ontstaan en in stand hoeven te worden gehouden.

 

 

 

 



Schrijf een bericht in het gastenboek.

Bekijk hier mijn gastenboek.

 



Klik op de vlinder om verder te gaan

 

 

 

©Copyright Ruth @nders 2016

Webstats4U - Free web site statistics